29 april 2017 11:07

Een kind na een gesprek: 'Die mevrouw begreep mij gewoon'


Aan het woord is Suzan Bensink – Orthopedagoog en dyslexiebehandelaar bij Berkel-B

‘Vrolijk word ik van de kinderen met wie ik werk. Als kind wilde ik al juf worden. Geregeld was ik bezig om opdrachtjes te maken. Om anderen uit te lokken om te leren. Het liefst één op één, zodat ik mijn opdrachtjes op de ander kon toespitsen. Nu is het al een aantal jaren mijn werk. Ik voer dyslexieonderzoeken uit en behandel kinderen op school. Elk kind is anders maar dat vind ik extra leuk. Het is mooi om te zien hoe je na een paar behandelingen het vertrouwen wint en samen aan de slag kunt. Je ziet de kinderen groeien, ze worden steeds opener.

Spelletjes en push-ups

Als ik een kind uit de klas haal, kletsen we eerst even. Daarna gaan we aan de slag. We kijken samen het huiswerk na, lezen een verhaal en oefenen met spellen. Het gebruik van de zintuigen, met name het gehoor, speelt een belangrijke rol in de behandeling. Afhankelijk van het kind kijk ik wat de beste methode is om te oefenen. Tijdens de behandeling gebeurt het wel eens dat we een korte pauze houden en de leerling een paar push-ups gaat doen. Als dat de concentratie en het uiteindelijke doel, beter lezen en spellen, ten goede komt vind ik dat prima. De behandeling moet natuurlijk ook leuk zijn.

Oefenpartner

Niet bij alle kinderen gaat het even makkelijk, ze moeten er vaak hard voor werken. Ook ouders spelen een belangrijke rol tijdens de dyslexiebehandeling. Thuis zijn ze oefenpartner voor hun kind. Vier keer per week moet er een kwartier tot twintig minuten geoefend worden. Ouders worden ook uitgenodigd om af en toe eens mee te kijken bij een behandeling. Met de kinderen praat ik ook over hoe het is om dyslexie te hebben en hoe je eraan komt. Ik vind dat je als behandelaar een constante factor moet zijn. Betrouwbaar, aandachtig en voorspelbaar. Dat komt het onderlinge vertrouwen en uiteindelijk het resultaat ten goede.

Dankbaar

Mijn werk is heel dankbaar werk. Boven mijn bureau thuis hangen alle bedankkaartjes van door de jaren heen. Dat herinnert me er telkens weer aan hoe leuk het is om met de kinderen successen te halen. Je bouwt in anderhalf jaar tijd echt een band op. Het minst leuk vind ik dat het ook wel eens voorkomt dat een kind echt heel hard zijn best heeft gedaan en dat de resultaten nog steeds achterblijven. Maar ook dan kan de winst zijn dat een kind heeft leren omgaan met dyslexie.